Puck in 5 culinaire vragen

Wat is je favoriete keuken?

Zonder twijfel de Italiaanse. Eerlijke smaken, mooie pure producten die herkenbaar blijven en die elkaar versterken. IJzersterke gerechten die vaak uitblinken door hun eenvoud. Maar ik ben ook dol op de stoere Franse, de Thaise, de Spaanse, de Noord-Afrikaanse en de Belgische keuken. En natuurlijk op ons eigen Hollandse culinaire erfgoed. Leve de rauwe andijviestamp met een lekkere gehaktbal.

Kook je zelf veel?

Dagelijks, met veel plezier. Ook na een lange dag schrijven, ook in de vakantie. Koken is voor mij dé manier om te ontspannen. Het helpt me om grip op het leven te houden. Creatief aan de ene kant, lekker praktisch aan de andere. Alle recepten die in de krant of op de weblog komen, probeer ik zelf uit. Mijn partner Karel, de kinderen, familie en vrienden zijn gelukkig graag proefkonijn.

Waar doe je inspiratie op?

We reizen graag en veel, in binnen- en buitenland. En waar we ook zijn, ik struin marktjes af, ik zoek de leukste winkels en restaurantjes. Ik wil de streekspecialiteiten proeven en vind het fantastisch om kleine ambachtelijke producenten te bezoeken. Daar kom je bij de kern van een culinaire cultuur. Vaste lezers weten dat, want ik schrijf er graag over. Verder bezoek ik beurzen, groothandels, workshops, kookdemo’s, etc. En ik vind het inspirerend om met bevlogen koks te praten.

Hoeveel kookboeken heb je?

Honderden. We hebben onlangs opslagruimte moeten huren om ze allemaal kwijt te kunnen. Ik lees alles was los en vast zit over eten en drinken, voeding en gezondheid. Ook kranten en (buitenlandse) tijdschriften. En ik ben verslaafd aan kookprogramma’s op tv. Mijn favoriet? Ik heb een zwak voor Jamie Oliver, maar Gentse Waterzooi van Gène Bervoets op BRT1 vind ik ook om te smullen.

Zou je geen kok willen zijn?

Soms denk ik dat wel eens stiekem, maar nee. Ik heb als journalist van Misset Horeca, het weekblad voor de Nederlandse horeca, jarenlang kunnen rondkijken in professionele keukens. Geloof me, het is een prachtig, maar zwaar vak. Creatief ben je bezig als je een nieuwe kaart maakt, daarna is het voornamelijk repeterende arbeid. Elke avond koken voor veertig gasten is toch echt iets anders als koken voor vier. Laat mij maar schrijven.